Robot, een ding dat kan denken en doen

Een ‘ding’ dat kan ‘denken’ en ‘doen’- dat bestaat niet! Dachten de mensen eeuwenlang… Toen voor het eerst het woordje ‘robot’ werd gebruikt, was dat dan ook niet voor een échte robot, maar voor de robot in het toneelstuk van een Tsjechische schrijver. Robots waren fantasie, een verzinsel. Meer niet.

Onze klusjes opknappen
Dat het woordje uit het Tsjechisch komt, zal je nu niet meer verbazen. In Tsjechië begon het tenslotte allemaal met dat toneelstuk rond 1920, nog geen 100 jaar geleden! ‘Robota’ betekent daar ‘werk’ of ‘verplicht werk’, en dat is natuurlijk ook het idee achter de robot: dat-ie onze klusjes opknapt.   

Poepende eend
Dit idee is trouwens veel ouder dan de robot zelf, hoor! Al in de vierde eeuw voor Christus beschreef iemand een houten duif op een stokje, die bewoog. Zulke ‘uitvindingen’ moesten in beweging worden gehouden door – bijvoorbeeld - wind of water, want stroom had je toen nog niet. Eigenlijk waren deze robots automaten: dingen die zelf blijven werken dankzij radertjes, tandwieltjes of springveertjes. Er verscheen een automatische eend die kon poepen en een kip die kon springen, allemaal meer grappig dan nuttig. Dat veranderde pas na het toneelstuk van de Tsjech. Vanaf dat moment werd er steeds meer gewerkt aan robots die mensen taken uit handen zouden nemen. Dat dit goed lukte, kwam ook doordat de elektriciteit inmiddels was ontdekt.  

Robotarm
Als uitvinders van de allereerste echte robot worden vaak de mannen George Devol en Joseph Engelberger genoemd. Meneer Devol ontwierp in 1951 een robotarm die werk in fabrieken kon doen. Hij noemde zijn uitvinding ‘Universal Automation’ gedoopt, later afgekort tot ‘Unimation’. 

Gevaarlijke taken
Toen Devols collega, Joseph Engelberger, op een feestje over de robotarm hoorde, was hij meteen enthousiast. En dus vroegen ze er patent op aan, dat betekent: het recht om een bepaalde techniek (voorlopig) alleen te gebruiken. Anderen mogen die niet zomaar overnemen. De robotarm van Devol werd voor het eerst toepast door autofabrikant General Motors. Het apparaat tilde gloeiend hete metalen onderdelen op uit hun mal. Dat is het mooie aan zo’n robot: dat hij gevaarlijke taken van mensen kan overnemen.

Allerlei soorten
Al gauw werd de Unimate-arm van Devol en Engelberger dan ook in allerlei fabrieken aan het werk gezet. Er kwamen allerlei soorten robots. Telkens weer worden machines op een andere manier geprogrammeerd, zodat ze informatie kunnen verwerken én taken kunnen uitvoeren.

Bekend: lasrobot
Heel bekend is de lasrobot geworden. Mensen die metaal aan elkaar moeten lassen, hebben nogal eens last van rook of verbranding. Dat probleem is opgelost als de robot het overneemt. Ook een heleboel, vervelende, saaie klusjes aan de lopende band kan de robot nu in plaats van mensen doen.

In ziekenhuizen helpen de robots chirurgen bij een operatie en bij sommige mensen thuis maaien ze het gras of zuigen ze stof op.
Er is een complete wetenschap ontstaan, de robotica, die robots maakt en bestudeert.

Grijpers
De robot die eruit ziet als een metalen mens komt nog steeds vooral in verhalen en films voor. De meeste robots lijken nog altijd meer op machines, al hebben ze vaak wel ‘armen’: grijpers die spullen kunnen aanpakken, verplaatsen of optillen. Er zijn zelfs robots die zelf van grijper kunnen verwisselen als dat nodig is.

Vechtrobots
Toch zijn er ook robots die wel degelijk veel van mensen weg hebben. Die noem je ‘humane robots’ of – als ze echt sprékend op mensen lijken – ‘androïden’. Deze nep-mensen zijn handig als er bijvoorbeeld een bom onschadelijk moet worden gemaakt. Of als er in de ruimte iets opgelost moet worden. Zo kan een robot mensenlevens sparen. Je hebt zelfs vechtrobots die in oorlogen ingezet kunnen worden. Een machine die op pad wordt gestuurd om mensen te doden… Je kunt je voorstellen dat er veel wordt nagedacht over wat een robot wel en niet mag kunnen!

Slimme robots
Nederland en 24 andere Europese landen gaan dan ook afspraken maken waardoor mensen controle houden over robots. Dat hebben de landen dit jaar besloten. Op die manier willen ze voorkomen dat ‘slimme’ robots dingen doen die mensen helemaal niet willen.

Denkende machines?
Inmiddels kunnen mensen robots namelijk zó programmeren dat die dingen líjken te denken! Dat ‘denken’ van robots heeft een naam: ‘kunstmatige intelligentie’ of in het Engels: ‘Artificial Intelligence’. Daarom komt je vaak de afkorting ‘AI’ tegen, als het om slimme robots gaat. De apparaten zijn zo slim dat ze zichzelf dingen kunnen leren! Dat best ver, toch? Vandaar die verhalen over robots die macht over mensen krijgen. Zou dat wél fantasie blijven, wat denk jij? 

Geplaatst op: 12-06-2018 geschreven door: Jeannette Wilbrink-Donkersteeg beeld iStock

naar magazine

Reacties

Wees de eerste om een reactie achter te laten!

Laat een reactie achter

Naam:
E-mail:
(Jouw e-mailadres komt niet bij het bericht op de website)

Nieuws van vandaag

Kleinste Amerikaanse stad verdubbelt inwoneraantal: van 2 naar 4 mensen

Kleinste Amerikaanse stad verdubbelt inwoneraantal: van 2 naar 4 mensen

De kleinste geregistreerde stad in de Amerikaanse staat North Dakota gaat verdubbelen in aantal inwoners: de stad groeit van twee naar vier...

lees meer

Kakkerlakkeninvasie in Duitse school; kinderen vrij

Kakkerlakkeninvasie in Duitse school; kinderen vrij

Honderden leerlingen in het Duitse Espenau, in de provincie Hessen, kunnen door een grote kakkerlakkeninvasie voorlopig niet naar school....

lees meer